Als ik door mijn
raam kijk aan de straatkant, dan zijn de kiezingen niet ver meer.
Zoveel valt af te leiden uit de bovenmaatse borden die mensen hier en
daar in hun voortuintje hebben neergepoot, of laten neerpoten, niet
per se met altijd even grote geestdrift, het zetten van
verkiezingsborden wordt wel eens schoorvoetend aan anderszins weinig
zichtbare vrienden of kennissen toegestaan, à contre-coeur
geoutsourcet, als ik dat laatste woord even mag gebruiken, als het al
een woord is, het ziet er in elk geval niet uit. Op de borden staan
foto's van mannen en vrouwen, in meerdere tinten van grijs en andere
sobere tot sombere, vertrouwen wekkende tonen, ze glimlachen in vele
registers, frivool of wat sullig tot scheef melancholisch tot
grimmig, die grijnzende cardboard cutouts manen mij aan de
toekomst van mijn land de juiste kant op te sturen, het lot van mij en
de mijnen ten goede te keren door het te leggen in hun handen, van
deze larger-than-life geportretteerde tweedimensionale uithangmensen,
ze vragen mijn stem en mijn vertrouwen, allemaal goed en wel, maar
laat dat nu net zijn waar mijn vader me altijd voor gewaarschuwd
heeft: Jongen, zei mijn vader, vertrouw nooit iemand die je
vertrouwen vraagt, want vertrouwen vraag je niet, je kunt alleen maar
hopen dat je het krijgt. Inmiddels valt nu al zonder gevaar van
vergissing te voorspellen, dat de borden een week of zo na de
kiezingen weer weg zullen zijn, en dat weggebruikers die in hun
voortgang naar god weet welke bestemming, vaak niet dringender dan
de Gamma of het Waasland Shopping Center, ook maar even worden
opgehouden door een onhandige achteruitrijder of de kar van de
vuilnismannen, als vanouds koleriek zullen worden en toeteren en
schelden en obscene gebaren maken achter de dichtgedraaide
autoruiten, want het zal tegen dan zowat juni zijn en mogelijk goed
warm, en ze zullen de airco hebben aangezet.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten