dinsdag 31 december 2019

30 december


Als je in de zee niet kunt zwemmen, omdat het te koud is, of erop varen, omdat je geen boot hebt, of eronder naar Engeland rijden, omdat je daar niet moet zijn, dan kun je altijd nog in de zee lopen, met droge voeten, want hoge laarzen, in de branding net waar het strand begint, over de krakende schelpen, westwaarts, waar bij zonzondergang met wat geluk overweldigende rood-oranje luchten te zien zijn, zoals gisteren, boven en ver voorbij het nieuw-mondaine Nieuwpoort, terwijl aan je rechterkant een vissersboot met je opvaart, de netten uit, een dichte zwerm krijsende meeuwen in zijn zog, het is vloed, het strand is smal, het brengt de mensen dichter bij elkaar, zoals dat hoort aan de vooravond van weer een nieuw jaar, dat wel weer niet veel van het vorige zal verschillen, maar nu doen we even alsof dat wel zo is, wel zal zijn, het wordt een bijzonder jaar, je moet honderd en één jaar wachten voor dat nog eens is, dat is veel langer dan je wachten kunt, en hoe de wereld eruit zal zien in eenentwintg eenentwintig, dat weet zelfs Jean-Marie Dedecker niet, die toch burgemeester is van Middelkerke, waar ik morgen om nul uur naar het vuurwerk ga kijken, dat wil zeggen in Westende, maar dat is hetzelfde, en als je ook niet in de zee wilt lopen, je kunt er altijd nog naar kijken, niets of niemand blijft zolang hetzelfde als de zee, en altijd anders.

zondag 29 december 2019

29 december


Nog twee dagen. Dat is weer stressen. Zopas nog het kerstlijstje, nu weer die voornemens. Eén nieuwjaars-voornemen kan nog gaan. Een leuke hobby vinden, vooruit. Komt het er niet van, ik heb het me toch voorgenomen. 't Is de intentie die telt, hoorde ik vroeger atijd. Maar een hele lijst? Ik zal me al eens minder gauw druk maken. Oké. Ik zal al eens positiever uit de hoek komen. Bon. Ik zal me niet meer zo ergeren aan blaffende honden. Aan tegen mijn brievenbus pissende honden. Aan in mijn voortuintje kakkende honden. Aan op het strand voorbij de bordjes 'Honden niet toegelaten' rondrennende honden. Aan los lopende, andere honden besnuffelende honden. Aan amechtig naar adem happende doorgefokte platsnuithonden. Ik weet het, ze kunnen het zelf niet helpen. Het zijn de baasjes. Maar goed, al bij al valt het wel mee, zo'n lijstje. Negen voornemens, dat zal voor het nieuwe jaar wel volstaan.

vrijdag 27 december 2019

27 december


De verdubbeling is zeer slecht nieuws en zou de alarmbellen toch op rood moeten zetten.

Grappig, zo'n gecrashte metafoor, als het niet ging over de kansarmoede-index van Kind en Gezin. Zo is het wel meer: je wilt eens goed lachen, maar toch maar niet.

Gelukkig krijg ik een foldertje in de bus van zo'n politieke partij. In mijn stad staan een hoop leuke dingen te gebeuren. Zoals een nieuwe bibliotheek. Onze culturele trekpaarden X en Y volgen de plannen voor de nieuwe bib op de voet, staat er. Toch maar eens goed lachen nu.

Het trekpaard in de politiek, dat was alweer een tijd geleden. Een cultureel trekpaard is volgens mij nog niet vertoond. Valt zo'n paard onder landbouw of onder cultuur? Dierenwelzijn? Krijgt dat nog een beetje subsidie, cultureel zijnde?

dinsdag 24 december 2019

23 december


Heb jij ook nieuwjaarsvoornemens? vraagt ze. Ze zegt new year's resolutions. Ik heb haar net The Secret Diary of Adrian Mole, aged 13 3/4 geleend. Dat is nu eens een vraag die me overvalt. Ik beken dat ik al jaren geen voornemens meer maak. Ik wel, zegt ze. Ik had altijd van die voornemens, legt ze uit, van Ik zal meer studeren, weet je wel, dat soort voornemens. Die werken hooguit een week of twee. Nu zeg ik: Ik zal vaker een leuk boek lezen. Ik ga al eens wat meer op stap. Dat is slim van ze. En ik? Tja. Ik ga een hobby zoeken, zeg ik. En dan: Nee, ik ga een hobby vinden. Een leuke hobby. Ze knikt instemmend. Wat voor soort hobby? had ze nu kunnen vragen, maar ze doet het niet. Dat is wijs van ze. Wat voor soort hobby? Daar denk ik nog over na, het is nog geen nieuwjaar. 

maandag 16 december 2019

16 december


- Het klinkt zo negatief. Zo zurig.
- Ja, hoe het klinkt, dat is mijn departement niet. Ik schrijf het alleen maar op. Er zit geen zuur in mijn inktpot.
- Nee?
- Ook geen zoet, dat is waar.
- En toch. Het is zo -
- Negatief? Dan moet je de krant eens lezen.
- Het is -
- Zurig? Dan moet je de opinies eens lezen. De reacties van lezers. Die hebben wel eens soude caustique in hun inktpot.
- Wat in hun inktpot?
- Natriumhydroxide. Het maakt in verdunde oplossing deel uit van gootsteenontstopper, ontharingsmiddelen en haarontkrullers.
- Zegt wie?
- Zegt Wikipedia.

woensdag 11 december 2019

10 december


'2030 is nog ver weg'. Citaat van het jaar, en van het komende decennium. Van Jan Jambon. Met zo'n geruststellende boodschap kan ik vanavond eindelijk weer onbezorgd naar bed. Ik hoop maar dat het waar is. Dat niet Jan Jambon zelf heel ver weg is.

Vanmiddag nog eens naar 't stad geweest. Met bus 21 van 14.15 u. Wat lopen, wat kopen, krantje lezen, koffie drinken. Dat heet op rust. En wat heb ik daarbij geleerd? Dat er magnetische wimpers bestaan. Ik heb ze zelf gezien, in het Kruidvat. Ze stonden daar ten toon, ik had ze kunnen kopen. Dat heb ik maar niet gedaan. Ik heb ze niet nodig, en daarbij zou ik niet weten hoe ik ze op moet zetten. Of is het aan moet doen. Of is het aan moet brengen.

maandag 9 december 2019

De taalhond baalt wéér


Het is niet dat ik op zoek ga naar onmogelijke woorden, het is dat ze de hele tijd op me af komen, als muggen in een zomernacht, ze zoemen om m'n oren, ik sla en ik zwaai en ik trek het laken over m'n kop, maar ze gaan niet weg. En ze worden al maar lelijker. Bilnaadzonnen, kan dat ooit een woord zijn? Ja, eigenlijk butthole sunning, het stond in een Instagram-post (!) van influencer (!!) Metaphysical Meagan (!!!) en kwam zo in De Morgen terecht, waar ik het zag. Ja, influencer is ook een woord. Ik zal niet uitleggen wat bilnaadzonnen is, want in al zijn gruwel heeft het woord dan toch één goede kant: het zegt precies wat het wil zeggen. Oké, bedankt, dankuwel. Tot nog eens. Ik bedoel: tot hopelijk niet meer.

zaterdag 7 december 2019

6 december


Ik had een goede vriend vroeger op school, met wie ik graag een potje discussieerde. Vraag me niet waarover, het was diep in de vorige eeuw. We stonden met een paar gasten na schooltijd te kletsen, en dan werd er al eens met wat spek geschoten. Je wilt zo'n discussie graag winnen. Als het echt ging spannen, haalde die vriend van me zijn nuclear option boven. Daar moest ik aan denken vanavond, bij het debat op de BBC tussen Jeremy Corbyn en Boris Johnson. Ik breng echte verandering, zei Corbyn. En Johnson: I'll get Brexit done. Ja ja. En mijn grootvader, zei mijn vriend dan, die kan een kanon optillen.

maandag 2 december 2019

2 december


Het is nog al niet no de wuppe, dacht ik ook wel eens, tot ik vandaag vernam dat John Richards ermee gestopt is. John is 96, maar dat is niet de enige reden. 'Wij', schrijft John, 'en de vele mensen die ons steunden overal in de wereld, hebben ons best gedaan, maar de onwetendheid en de luiheid in deze moderne tijd hebben gewonnen.'

John Richards werkte zijn hele leven in de journalistiek. Toen hij in 2001 als redacteur op rust ging, richtte hij de Apostrophe Protection Society op. Hij kon het niet meer aanzien hoe de mensen al maar slonziger omgingen met de apostrof in de Engelse taal. Terwijl je maar drie regels moet kennen om het altijd goed te doen.

Het heeft niet mogen zijn. Ignorance and laziness have won, en Richards geeft zijn strijd voor de much-abused apostrophe op. De luie Britten kunnen met een gerust gemoed hun apostroffen op alle foute plekken neerzetten of weglaten. Maar dat was al zo, ze wisten het toch niet.