zondag 29 november 2009

29 november


Ik lees met grote verbazing in mijn krant dat een leerling van het Jan-Van-Ruusbroeckcollege in Laken gestraft is omdat hij op de speelplaats gemoonwalkt had. Zijn medeleerlingen vonden die straf zo ongepast, dat ze weigerden naar binnen te gaan voor het eerste lesuur. Er was een gesprek nodig tussen de leerlingenraad en de directie om de lessen weer op gang te krijgen.

Ja ze waren er nog niet, de leerlingen van het Jan-Van-Ruusbroeckcollege, toen Neil Armstrong op 21 juli 1969 de eerste moonwalk deed. (Michael Jackson was elf.) Verre van gestraft, werd Armstrong om zijn exploot beloond met eeuwige roem en meerdere eretekens, waaronder de Congressional Gold Medal. Een asteroïde werd naar hem genoemd.


Ze weten van de wereld niet daar in dat college, maar dàt verbaast me dan weer allerminst.

zondag 22 november 2009

22 november


Laura is niet alleen 10 jaar oud en verliefd, maar ook nog eens vierde in het Junior Eurosongfestival. Gevraagd hoe zij zich zich bij dat alles voelt, zegt Laura: ‘Ik ben blè’. ‘Gewoon blij?’ vraagt de journalist. ‘Nee, ècht blè’, zegt Laura. Zo ziet ze er ook uit, in haar jodelende Heidi-outfit.

21 november


‘Het woord is niet schrik. Het woord is spijt’, zei Tuur Van Wallendael in een gesprek met Terzake op 7 september. Zo kort en goed heb ik het nooit iemand horen uitleggen. Op de achtergrond was een piano te horen.

maandag 16 november 2009

15 november


Ik heb een interactieve gps. Hij zegt mij waar ik moet zijn, en als ik het niet goed verstaan heb, zeg ik: ‘Zeg dat nog eens?’ en dan zegt hij het nog eens. Tussendoor kletsen we een beetje over het weer en over de familie, en op dode momenten kan het zelfs gebeuren dat we samen met de radio meezingen, ik en mijn gps.

donderdag 12 november 2009

12 november


Het hebben van een mening is stilaan een voltijdse bezigheid. ‘Wat vind jij?’ vraagt altijd wel iemand op een onbewaakt moment, en dan kun je beter een antwoord klaar hebben. Dat is kranten lezen, journaals kijken, opiniestukjes doorworstelen, praatprogrammma’s tot diep in de nacht uitzitten, luisteren naar wijze collega’s en zatte tooghangers.

Over tennisers die onprofessioneel omgaan met hun whereabouts. Hun wàt? Over voetballers die een vaccinatie krijgen tegen de pandemische griep, terwijl ze niet zwanger zijn of werken in het onderwijs. Wèlke griep? Over roken in biercafés. Of je dat nog kunt toelaten. Of je dat wel kunt verbieden. Zijn er dan toch cafés zonder bier? Hoofddoeken op school! Homomannen met adoptiekinderen! Homovrouwen met AID-kindjes! Wèlke kindjes?

‘Wat vind jij?’ vraagt een aangeschoten disgenoot bij de mousse au chocolat.
Ik? Tijd om op reis te gaan. Whereabouts? Vergeten!

maandag 9 november 2009

9 november


Opa is een hypokriet. Vroeger, toen hij nog les gaf, kon het nooit kort genoeg zijn. ‘Korter formuleren!’ hield hij zijn studenten voor, en hij haalde wellustig de helft van alle woorden door die zij met zoveel moeite op een rij hadden gezet. ‘Tel die lettergrepen!’ ging het. ‘Elk woord dat er niet moèt staan, màg er niet staan!’ Opa had zijn dooddoeners goed in de vingers.
Sinds hij geen les meer geeft, wordt opa’s huis al eens vaker door de kleine ukjes opgezocht. Ze bellen bij de voordeur aan - de belknop zit op peuterhoogte - , vegen keurig hun voetjes aan de deurmat schoon, trekken jas en schoenen uit en nemen bezit van het pand. De meest gegeerde plek is de open trap in de woonkamer, waarvan elke trede uitmuntend als zit- of werkblad dienst doet. De rest van de dag laten de ukjes zich bevoorraden met potloden, stiften en papiertjes, plakkers, lijm, scharen, touwtjes en strikjes, en chocomelk natuurlijk en fruitsap en cola en chocola en snoep en ijs en koek. ‘Ik wil melk’, zegt er eentje, en zij krijgt melk, maar eerst moet ze de boodschap opavriendelijker formuleren. ‘Opa, mag ik wat melk, alstublieft?’ Negen lettergrepen! Dat moet dan maar. Opa is eindelijk op rust.

zondag 8 november 2009

7 november


De dagen worden erg kort, het regent, Karel De Gucht is weg: laten we nog maar eens emmeren over het taalgebruik in de betere media.

Welja, het mag volks en aanschouwelijk blijven. Sportjournalisten zijn daar goed in: doelmannen ranselen het leer uit de kruising, verschroeiende schoten spatten op het doelhout of doen de netten trillen. Zo kan het gebeuren dat deredactie.be, de nieuwsstek van de vrt, bericht over een jonge wielrenner die ‘uit het leven stapt’, als gold het een avondje met zijn maten. ‘Zijn vriend en collega’, zo staat er nog in het bericht, ‘werd door het nieuws van zijn sokken geblazen’.

Op de serieuze pagina’s van De Morgen ging het vandaag over de ‘dolle schutter’ Nidal Malik Hasan. ‘Recentelijk zag majoor Hasan enorm op tegen zijn ontplooiing in Afghanistan’, lees ik. Wie een slechter karakter heeft dan ik, zou kunnen zeggen dat deze journalist nieuws pikt van Amerikaanse websites, maar te haastig, of te lui, of te onkundig is om een woord als deployment fatsoenlijk te vertalen in het Nederlands, waar ontplooide soldaten niet voorkomen.

Zo. Meer geëmmer volgt vast later.