dinsdag 28 april 2020

Het jaar van de ooievaar


p als in poetshulp

Vroeger kuisvrouw. Kuisman werd niet gehoord. Schoonmaakster. Idem schoonmaker. De onstuitbare opmars naar een genderneutraal vocabularium had kuispersoon kunnen brengen of schoonmakende, quod non (zie aldaar). De stap van poetsen naar poetsende is klein, gezien ook verplegende of verzorgende. Het had gekund. De subtiele meerwaarde van poetshulp is dat de poetsende niet echt poetst, maar helpt poetsen. U kunt wel iemand met emmer en dweil in huis halen, maar verwacht niet dat u in uw luie stoel toe kunt kijken terwijl hij/zij aan de slag gaat.

woensdag 22 april 2020

22 april


Dus de prijs van de olie is onder nul gezakt. Dus als ik met mijn wagen naar de pomp rij om hem vol te gooien, moet ik niets betalen. Ik krijg geld omdat ik zo goed ben een liter of vijftig uit de overlopende olieplassen in mijn tank op te slaan. En tanken is een essentiële verplaatsing, dus belet niets mij om met mijn volle bak naar een volgende pomp te rijden, na een ommetje over Zottegem, Louise-Marie, Doornik, Binche, Ham-sur-Heure-Nalinnes, Florenville, Bastogne, Stavelot, Grâce-Hollogne, Hoepertingen, Zoerle-Parwijs, Kontich Kazerne en zo over het water weer naar huis tot de Avia in de Plezantstraat. Mijn auto drinkt gelukkig een hoop, de bak is zo goed als leeg, dus kan ik weer verse diesel en extra zakgeld opslaan.

Het jaar van de ooievaar


o als in offline, online

In het echt, of niet. Een offline vriendje kunt u op straat tegenkomen, u kunt samen een biertje drinken op een terras. Een echt biertje op een echt terras. Online vriendjes kunt u niet tegenkomen: ze zijn er niet. Niet dat ze niet bestaan, maar u kunt ze alleen zien en horen. U kunt wel een afspraakje met ze maken, om ze hier of daar, dan of dan te ontmoeten. Dagen ze echt op, dan kunt u alsnog een biertje met ze drinken op het terras. Alleen zijn ze dan geen online vriendje meer. Zegt iemand: 'Dat was me het dagje wel weer!', vraag dan direct: 'Bedoel je offline?' Vragen ze: 'Waar heb je die awesome coole paraplu gevonden?', dan haalt u amper merkbaar uw schouders op, en u zegt: 'Online.' (Zie ook gamen)

zaterdag 18 april 2020

Het jaar van de ooievaar


n als in natuurlijk

Vanzelfsprekend. Geeft aan dat wat de spreker zegt geen tegenspraak duldt, als in 'Anderlecht was weer abominabel natuurlijk.' Met een uitspraak als 'Dat was natuurlijk je slimste zet niet' geeft u niet alleen uw oordeel te kennen, u stelt het ook voor als ontegensprekelijk want passend in de natuurlijke orde der dingen. 'Rode kool is geen levensmiddel, natuurlijk. Het is een sierplant' wil zeggen: dat rode kool een sierplant is, is niet mijn mening, het is een universeel aanvaard gegeven. Vraagt iemand of u in de hemel gelooft, dan kunt u 'ja' antwoorden of 'nee'. Vindt u de vraag zelf absurd, dan zegt u: 'Natuurlijk niet.' 'Natuurlijk' kan ook, natuurlijk.

vrijdag 17 april 2020

17 april


Er zit een beer voor mijn raam. Hij zit met de rug naar de woonkamer toe, op de vensterbank, en kijkt naar buiten. Je zou het niet netjes kunnen noemen, dat hij ons de rug toekeert, terwijl wij hem toch altijd meer dan vriendelijk hebben behandeld, bij wijlen zelfs geknuffeld en mee in bed genomen. Maar hij mag dat doen. Het is voor de kindjes die op straat voorbijlopen, met papa en mama, op zoek naar beren. Soms zitten wij van achter onze beer zijn rug mee naar buiten te kijken, om te zien of de kindjes onze beer hebben gezien. Niet vaak, zo blijkt, maar er komen in onze straat, die geen echte straat is, ook niet zoveel kindjes voorbij. Onze straat is een baan. Daar komen vooral veel auto's voorbij, al is dat de laatste tijd wel fel geminderd. De beer vindt het allemaal best. Kijk, weer een kindje, zie ik hem denken, als er dan toch eens eentje voorbijloopt. Er zijn wel kindjes die de beer niet zien, bezig als ze zijn met naar iets anders te kijken. Maar onze beer zelf, hij zal er nooit eentje missen.

donderdag 16 april 2020

Het jaar van de ooievaar


m als in mega-

Heel, veel, erg, heel erg veel. Men kan zich verbazen over de hardnekkigheid van het voorvoegsel, als in megaleuk of megaduur, d.w.z. keileuk of superduur, terwijl de megabyte, als eerder de kilobyte, toch hopeloos achterhaald is en lang voorbijgestoken door giga- en terabyte. Niets belet u natuurlijk om, als iemand weer eens opmerkt hoe megagezellig het ergens is, te beamen dat u het zelf ook gigaplezant vindt, of zelfs teradol. Dat laatste woord mag klinken als een medicijn, maar dat zal de pret niet drukken, gezellig als het nu eenmaal is.

maandag 13 april 2020

Het jaar van de ooievaar


l als in leidinggevende

Iemand die leiding geeft. Vroeger: die de leiding heeft. De baas, zeg maar. De chef. De patron ook wel. Allemaal mannelijke woorden, leidinggevenden waren nu eenmaal mannen. Ook vroeger werkten de meeste mensen onder een baas, die boven hen stond. Een feodale toestand. De hedendaagse leidinggevende werkt met zijn / haar mensen, die hij / zij medewerkers noemt. Er zijn gevallen bekend van leidinggevenden, die in de bedrijskantine met hun medewerkers in de rij aanschuiven voor het middageten. Dat medewerkers ook wel eens flink willen tegenwerken, daar weet een beetje leidinggevende wel raad mee.

vrijdag 10 april 2020

10 april


Talloze mensen bellen elkaar dezer dagen op, of sturen berichtjes op een van de vele manieren waarop dat kan, om te informeren of er nieuws is. Meestal is dat niet het geval, waarop zij laten weten dat zij zelf ook geen nieuws hebben. 

Niemand vindt dat erg, zo blijkt uit de onstelpbare berichtenstroom. Het gaat er ook niet om iets nieuws te vernemen of mee te delen. Het gaat erom, van zich te laten horen. Wat het bericht ook zegt, de onderliggende boodschap is: Ik ben er nog, ik heb aan jou gedacht. The medium is the message, een beetje. 

Hoe is't? Goed, goed. En daar? Hier ook. Het gaat zijn gangetje. Geen nieuws, eigenlijk. En daar? Nee, hier ook niet. Alles oké. 

Daarmee is alles gezegd. Het duurt wat langer, er komen meer woorden bij te pas, maar veel meer valt er niet te vernemen.

Allee, tot nog eens dan. De groetjes daar! Ja, bedankt. De groetjes, tot later! 

Maar zeg nu zelf: Ik ben er nog, ik heb aan jou gedacht, welk ander nieuws zou je nog willen ontvangen?

dinsdag 7 april 2020

Het jaar van de ooievaar


k als in kot

Huis, bouwsel, studentenkamer. Viens me voir à mon kot, zegt onze Waalse landgenoot. Een waarlijk Belgisch woord. Dat geldt wel niet voor alle koten. Zegswijzen als het kot is te klein of uit zijn kot komen worden bezuiden de taalgrens niet gehoord, evenmin als het recentere blijf in uw kot. Overigens ook niet benoorden de staatsgrens. Daar hebben ze duiventillen en kolenhokken. Hospita's. Hoerententen. Patatkramen. Het kot afbreken, dat was Toots Thielemans. Waarlijk Belgischer kan niet.

zondag 5 april 2020

5 april


De schutting naast mijn huis in de verf zettend, maak ik een praatje met de overbuur. We staan elk aan onze kant van de straat, informeren naar elkaars welzijn en gezondheid, en die van de familie. We stellen vast dat het mooi weer is, gelukkig. Geven wat welwillende commentaar bij de politiepatrouille die drie huizen verderop een controlepost heeft uitgezet. De buurvouw van rechts arriveert op haar fiets, we bespreken kort het nieuws van de dag. Geen, eigenlijk. Gelukkig is het mooi weer. Dan komt de schuinoverbuur links even op straat kijken. Ik wou net naar de Ardennen vertrekken, zegt de schuinoverbuur, maar dan maar niet. Je kunt naar zee rijden, zeg ik. We lachen, stellen vast dat het gelukkig mooi weer is. Een samenscholing met vier, op meer dan behoorlijke afstand, het mag nog. De politie grijpt in elk geval niet in. Dan gaan we elk zijn weegs, ikzelf met de kwast weer aan de slag. Plots komt Lennaert Nijgh me voor de geest. Ze had een hoge schutting om haar tuin. Canzone 4711. Hoe ging het ook weer? Ze leek me onder haar bikini bruin. Maar toen ging het wel regenen. De eerste druppels vielen op mijn hand. Hier niet, nu gelukkig niet.

donderdag 2 april 2020

Het jaar van de ooievaar


j als in jong, jongen

Zelfstandig naamwoord, te gebruiken als aanspreking. U zegt bijvoorbeeld: ''t Was weer de moeite, jong.' De aangesprokene kan een man of een vrouw zijn, net zo goed piepjong als van gevorderde leeftijd. Het belangrijkste is, dat hij of zij zich aangesproken voelt. 'Jongen, was me dat even schrikken!', zegt u zonder problemen tegen een tienermeisje. Het is wat men een genderneutraal woord noemt. De kans is groot dat het tienermeisje 'Amai!' antwoordt. Zij betuigt daarmee haar empathie, en daar was het u toch om te doen.