maandag 26 april 2021

De taalhont speld

Dominiek Sandra wil de spelling veranderen. Wie niet? Hij is wel hoogleraar psycholinguïstiek aan de U van A. We kunnen beter trachten hem au sérieux te nemen. Met deze nieuwe regels maak je nooit meer dt-fouten, zo staat er boven het stukje in de krant. 

Ik wist niet dat dt-fouten bestonden. Ofwel hoort er een -t, en schrijf je hem niet, dat is een fout, als in hij word. Of je schrijft een -t waar hij niet hoort: ook fout, als in 't is gebeurt. Maar in de regel doe je dat niet, omdat je weet: hij komt, dus hij wordt. Gebeurde, dus gebeurd

Ja, zegt Dominiek Sandra, maar daar moet je telkens bij nadenken. Je werkgeheugen wordt belast. En gebeurt komt meer voor dan gebeurd, dus schrijven we haast vanzelf 't is gebeurt. Oké, gewoon doén dus. En ik/jij/hij/zij word. En ook maar zij brande en ik hate. Makkelijk, geen fouten meer. 

Het ziet er wel raar uit, maar de vreemde woordbeelden wennen snel. Dat argument ken ik nog van pannenkoeken en ruggengraat. Ik krijg nog altijd kippevel als ik dat zie of moet schrijven. Kippenvel! 

Je mag er niet aan denken dat Dominiek Sandra zijn aandacht ook nog eens richt op de ei en de ij. Vleien of vlijen? Nijgen of neigen? Arm werkgeheugen. Schrijf maar gauw overal ij, als in de rijs naar het ijnd van de wereld, of overal ei, als in wie schreift, die bleift.  

Gauw? Misschien ook maar gouw, als in louw en blouw. Het kan nog veel beter. Ht s mmrs bknd, dt r gn klnkrs ndg zn m t knnn lzn wt r gschrvn stt. Vooruit, doen! D vrmd wrdbldn wnnn snl.

woensdag 21 april 2021

21 april

Vanmiddag luisterend naar Nieuwe feiten op Radio 1 ben ik van mijn stoel gevallen. Het gebeurde iets voor één uur, toen Lieven Vandenhaute met een marketingdeskundige van UGent een boom opzette over product placement. Of het waar was dat je in een film van pakweg de jaren zestig wat reclame kunt plakken voor spullen van nu. Ik moest meteen denken aan de laatste James Bondfilm die ik gezien heb, tijden geleden al. Daar lieten ze een blauwogige stand-in, die van geen mijlen op Sean Connery leek, in een BMW rondrijden. Dat hebt u goed gelezen: Bond in een BMW! Ik was toen ook van mijn stoel gevallen, als er niet zoveel mensen rond me zaten. Het leek me iets gênants om te doen. Maar vanmiddag thuis dus wel, toen daar op de radio doodleuk werd verteld dat ze James Bond in een latere film, ik geloof Skyfall, Heineken lieten drinken. Uit het flesje. Dat hebt u goed gelezen: Heineken! Naar het schijnt hadden die van Heineken daar zestig miljoen euro voor over. Dat heb ik niet van Radio 1, maar van het Algemeen Dagblad, die zullen het wel weten. Maar laat maar. Wat mij betreft laten ze Bond spelen door Gert Verhulst, hij mag boterhammen eten met Samsonworst, Chocomel slurpen door een rietje. Erger dan Heineken wordt het nooit.


maandag 19 april 2021

19 april

Bij mij thuis hebben we vier kleurrijke soepkommetjes. Ze zijn blauw, geel, roze en oranje, er staan leuke tekeningen op. Op de onderkant staat: Renault. Dezelfde Renault bij wie wij vroeger onze auto's kochten. De R4, de Clio, de Kangoo.

Als trouwe klant mochten we elk jaar op de open dag bij de dealer een cadeautje halen. Een koffertje met kleurstiften, een horloge, een set koffiekoppen, een pluche knuffelhond. Die laatste ligt nog altijd op de sofa. Hij heet Renault.

Maar dan de soepkommetjes. Een is voor papa, een voor mama, een voor het zoontje, een voor het dochtertje. Die staan er telkens op afgebeeld. Het zoontje is aan het voetballen, het meisje springt touwtje, of is het touwtjespringt. Mama loopt rond met een winkelkarretje. En papa? Papa zit in zijn luie stoel, de voeten in pantoffels op een pof, zijn krantje te lezen.

Hoeveel fouter kan een soepkommetje zijn? Moet ik me niet schamen dat ik, zelf papa zijnde, zo'n kommetje heb, er ook nog geregeld soep uit eet, en zo de ten hemel schreeuwende seksistische paternalistische patriarchale vrouwvijandige boodschap help uit te dragen, in het bijzijn van mijn gade, die de tafel met mij deelt?

Ik moet zeggen: zij maalt er niet om. Mijn gade doet niet aan onderdrukte achtergestelde gediscrimineerde minderheden. De soep in het kommetje heeft zij ook gemaakt. Er is geen betere soep. Zelf loop ik vaak in diverse supermarkten met mijn boodschappenlijstje en mijn winkelkarretje rond. Ook in dit gezin zijn de oude rolpatronen in beweging.


woensdag 14 april 2021

14 april

Ik had hem voelen komen met de punt van mijn tong. Rechts achter boven in mijn mond, op een plek waar vroeger niets was. Beetje pijn ook. Zou het kunnen? 

Naar de tandarts maar. Die bevestigt wat ik dacht. Kies nummer achttien komt eraan. Ik krijg een afspraak met de stomatoloog. De stomato, zegt mijn tandarts, die al lang in het vak zit. Nr. 18 moet eruit.

Tandjes maken op je tweeënzeventigste? Tja, het verstand komt niet voor de jaren. De wijsheid ook niet.

Hebt u een voorkeur voor een arts?, vraagt de mevrouw van het ziekenhuis. Geen idee. Ik ken niet zoveel stomatologen. Geef mij maar de beste, zeg ik. Daar moet de mevrouw om lachen.

Ik hoop wel dat ze het doet.


zondag 11 april 2021

10 april

In Belfast en Derry hebben ze peace walls, lees ik in mijn krant. Het zijn muren of hoge hekken die de loyalisten en republikeinen bij elkaar weg moeten houden, of er gebeuren ongelukken. Dat soort peace kennen we nog van de Peacekeeper, van 1985 tot 2005 een intercontinentale ballistische raket van het Amerikaanse leger, uitgerust met tien afzonderlijk richtbare kernkoppen van driehonderd kiloton. Dat soort vrede.

De laatste tijd zit het er weer bovenop in Noord-Ierland. De relmakers zijn opvallend jong, vaak nog kinderen. Ook daar is een woord voor: recreational rioting, in mijn krant vertaald als 'amok maken voor de lol.' Met brandbommen en zo. Dat soort lol. Vroeger hadden ze de Troubles, van eind jaren zestig tot het Goede-Vrijdagakkoord van 10 april 1998. Zo'n drieduizend vijfhonderd mensen lieten er het leven in. Dat soort troubles. Het maakt niet uit hoe erg het wordt, we vinden er altijd wel een aaibare naam voor.


dinsdag 6 april 2021

6 april

 

- Het mag als eens zot zijn.

- Ja, maar hoe zot kan het worden?

- Ook niet té zot, natuurlijk.

- Té is nooit goed.

- Nee.

- Té goed is ook niet goed.

- Zoals in de song.

- Welke song?

- Me and Bobby McGee.

- ??

- Feeling good is good enough for me.


maandag 5 april 2021

5 april

Op Paasdag op wandel niet ver van mijn huis kom ik een oude vriend tegen. Niet dat de vriend oud is. Toch niet ouder dan ik. Toch niet meer dan een maand of vijf. Wel kennen we elkaar inmiddels langer dan zestig jaar - zulke vrienden mag je met recht oude vrienden noemen.

We bevinden ons op de Mechelen - Terneuzenwegel. Zelf kom ik uit de richting van Mechelen, mijn vriend en zijn gade komen uit Terneuzen. Het is mijn zoon, die met zijn gade met me mee stapt, die de vriend het eerst heeft gespot.

We houden halt en wisselen groeten uit. Informeren naar elkaars wandeling, vergelijken hoe vaak we onze kinderen zagen het voorbije jaar. Niet vaak. We maken een grap over de Ronde van Vlaanderen, we nemen weer afscheid en vervolgen onze weg, niet voor we afgesproken hebben voor een borrel in de tuin op een van de eerst volgende zonnige lentedagen.

Moraal: Waar men ga langs Vlaamse wegen*, komt men altijd iemand tegen.

Dubbele moraal: Blijf binnen in tijden van pandemie, kom vooral veel buiten.

(* Oude hoeve, huis of tronk. Uit hetzelfde lied: Moge 't nimmer hier verand'ren.)



donderdag 1 april 2021

1 april

Wanneer heb ik de laatste keer nog eens een snoepje gekregen van een mevrouw? Misschien wel in een restaurant, voor het naar huis gaan, om de alcohollucht te maskeren, maar dat telt niet mee. Zo'n snoepje wordt je ook niet aangeboden, het ligt daar op tafel, op een bordje, of in een schaaltje bij de balie. Je moet het nog zelf oppakken, niemand zegt wat.

Vandaag zei de mevrouw: en u krijgt ook nog een snoepje, dat kunt u na afloop opeten, terwijl u een kwartiertje uitrust. En ze stak het me zelf toe. Ik wast best een beetje ontroerd. De plek waar ik me bevond was redelijk klinisch, er waren overal plastic schermen en witte kunststofwanden. Ook droeg iedereen mondmaskers en wegwerphandschoenen. Niet meteen waar je verwacht dat iemand je een snoepje geeft.

Des te erger is het, dat ik na afloop, terwijl ik een kwartiertje zat uit te rusten, het snoepje totaal vergeten was. Pas later weer thuis vond ik het in mijn jaszak. Ik zal dus toch wel even onder de indruk geweest zijn van de onverwachte uitnodiging, mijn haastige rit naar 't Bau-huis, de dokter in lijn 3 en zijn injectiespuit, het shot in mijn linker bovenarm, waar, na al die maanden van lijdzaam ondergaan, de weerstand eindelijk in actie kwam.

Het was niet toevallig een crunchy biscuit van Guylian, in de vorm van een zeepaardje.