dinsdag 29 december 2020

29 december

Bij dag op de zeedijk, in de schaduw van de betonbaronnen Atlantikwall, voorbij wafel- en ijskramen, karretjes- verhuurders. Op het strand, parallel met de vloedlijn, op variërende afstand ervan. Door het mulle zand waar 's zomers de strandhutjes staan. Dichter bij de zee, waar het zand nat is en zacht als mousse au chocolat, de voeten zakken weg. Nog dichter bij zee, het zand bubbelt, een echo van de vloed. Er liggen plassen, laarzen komen van pas. Nog verder zeewaarts, de voeten in de uitlopers van de branding, op tijd uitwijkend, of net te laat, voor een gretige golf.

's Avonds laat, het is al lang donker. De zee is ver, het strand leeg zo ver het oog reikt. Het blinkt in de lichtjes van de dijk. Vertrekken van de voordeur, de zeedijk oversteken, het trapje af naar het strand, pal noordwaarts in de richting waar de branding ruist. Doorlopen. Het geruis neemt toe, il rumore del mare. Daar zijn plots de witte strepen, de golven, de zee. Doorlopen tot het water over de laarzen spoelt. Zingen mag ook, roepen, heel hard lachen. Er is niemand die het hoort.


vrijdag 25 december 2020

25 december

Op kerstavond trof ik onder de boom een langwerpig pak aan dat mij zeer intrigeerde. Wat kon ik aanvangen met een zo lang voorwerp? Het was nerveus afwachten tot het dessert (mousse au chocolat, hier choclamoes genoemd), toen het pakpapier eindelijk weg mocht, en uit de doos een paraplu tevoorschijn kwam. Nu heb ik al een paraplu, zo een die ondersteboven open gaat. Deze kerstparaplu gaat gewoon open, wel vanzelf, met een knopje, maar daar gaat het niet over. Het gaat over MERDE IL PLEUT, de heldere boodschap waar ik van nu af aan in de regen mee rond zal lopen, en ieder woord zal gemeend zijn. Het meest nog MERDE, dat uitstekend lucht geeft aan het gevoel dat mij de laatste tijd wel eens bekruipt, ook bij droog weer. Dan schiet shit veel te kort.

maandag 21 december 2020

20 december

Het moeten niet altijd vogels in de tuin zijn. Ook in de keuken bij mij thuis vallen regelmatig intrigerende piepgeluiden te horen. Vijf: dat is de magnetron. Nu staan er in de keuken wel twee, dat is, in tijden van coup de feu, tweemaal vijf piepen. De piep verschilt, ik schat een halve toon. Dat geeft, bij gerechten met dezelfde tijd en gelijktijdig in gang gezet, een alleraardigst dissonant effect.

De broodbakmachine: tien piepen ergens halverwege de baktijd, aangevend dat desgewenst pakweg rozijnen kunnen worden toegevoegd. Daar doen we hier niet aan, dus die tussenpiepen passeren zonder gevolg. Weer tien piepen: brood klaar. Die broodpiepen zijn beduidend luider en schriller dan die van de microgolfovens.

Meer zoals die van de airfryer, de nieuwste aanwinst in ons kookarsenaal. Deze fryer produceert veruit de luidste piepen, gelukkig maar drie. Wel moet je hier en daar het fryen stopzetten, om de boel eens op te schudden, of je wilt de tijd wat bijstellen, of de temperatuur. Dat kan allemaal, maar elke keer komen er weer drie nieuwe piepen.

Natuurlijk blijven al die tijd ook de digitale keukenklokjes actief, je wilt ook wel eens gewoon een zacht eitje koken: aanhoudend gepiep als de tijd op is, bij ons is dat vijf minuten, tien voor een hard, gelukkig veel stiller.

Zo stil dat je, in afwachting van het eitje nog wat in de krant lezend in de aanpalende woonkamer, deze bescheiden piepjes gemakkelijk mist, nog meer als je de radio op WDR4 hebt, die rond deze tijd haast onafgebroken I'm dreaming of a white Christmas speelt, afgewisseld met Let it snow, let it snow, let it snow, terwijl de Duitsers toch ooit bekend waren om hun onovertroffen inheemse Weihnachtslieder.

Als ik echt toppezot word van de reindeer en de sleighs en de bells, van Frosty the Snowman with a corn cob pipe and a button nose and two eyes made of coal, thumpetty thump thump, dan zet ik al ons keukengerief synchroon in werking, tot het meerstemmig gepiep fortissimo de kleffe muzak overstemt. Het is elektronisch, het is geen beiaard, maar het werkt.

vrijdag 18 december 2020

17 december

We gaan de scholen niet sluiten omdat sommigen kinderen willen misbruiken als een soort loden gevangenisbol aan de enkel van hun ouders.

Met deze uitspraak kaapt minister Ben Weyts op de valreep de prijs voor de baarlijkste brok onzin van 2020 nog weg voor de neus van zijn voormalige collega Pieter De Crem, bedenker van het hier eerder op 1 juni geciteerde U kan gaan winkelen met een vorm van noodzakelijkheid.

Geen kleine prestatie, het legendarische wartaalgebruik van deze federale minister overtreffen. Er was dan ook een Vlaamse minister voor nodig, eerder van Mobiliteit, Openbare Werken, Vlaamse Rand, Toerisme en Dierenwelzijn, thans van Onderwijs, Sport en Dierenwelzijn.

Kindermisbruik is erg genoeg. Kinderen als een loden gevangenisbol vastbinden, aan de enkel van hun ouders dan nog, is een beeld dat getuigt van uitzonderlijke, aan sadisme grenzende wreedheid. De minister mag het al toeschrijven aan de geperverteerde geest van sommigen, hij is het toch maar die ermee voor de camera komt, zoals ministers doen. 

Terwijl het in dit geval zoveel beter was geweest als Uncle Ben gewoon thuis was gebleven, of in elk geval zolang zijn mond had gehouden tot een wat slimmere adviseur hem had uitgelegd, dat je in metaforisch taalgebruik niet iedereen met alles kunt vergelijken, bijvoorbeeld kinderen met loden bollen.   

Maar goed, de uitspraak is gevallen, Ben Weyts wint de prijs: een met superlijm op de lippen te bevestigen mondkapje.

zondag 13 december 2020

12 december

Soms valt er weinig te zeggen. Vaker nog minder. Niet zelden niets. Er valt niets te zeggen. In het beste geval valt het niet op, bij gebrek aan iemand die het zou moeten horen. Er is niemand, in het slechtste geval. Of er is wel iemand, die het weinige dat er te zeggen valt al te vaak heeft gehoord. Goed, goed, zegt deze voltijdse toehoorder. Dat heb je al gezegd. Dat heb je al meer dan een keer gezegd. Dat heb je nu al drie keer gezegd. Zeg nu eens iets anders. Iets nieuws. Iets vrolijks, als het kan. Maar vrolijks valt er helemaal niets te zeggen. De aanvoer van tot vrolijkheid stemmende prikkels is gaandeweg jammerlijk opgedroogd. Dan gaat het niet over herhalingen van FC De Kampioenen. Het gaat over echte, zich in een levende wereld, offline in real time aandienende prikkels, zoals het onverwacht weerzien van een oude copain in de Koek en Ei. Een verjaardagspartijtje waar iedereen iedereen zoent, dichte familie tot drie keer toe. Kleinkinderen aan het ontbijt. Een vrouw in de rij voor de kassa die breed glimlacht terwijl ze je voor laat gaan omdat je alleen maar een potje yoghurt gekocht hebt. Je hebt het in je handen, het ligt natuurlijk niet in een winkelkar, waarom zou je voor een potje yoghurt een kar gebruiken? En je ziet dat de vrouw breed glimlacht, je ziet haar stralend witte gebit en het rood van haar tandvlees, want ze heeft geen masker voor. Wie gaat nu gemaskerd winkelen, of legt één potje yoghurt in een winkelkarretje? Het lijkt een grap. Maar tot vrolijkheid stemt hij niet.

zondag 6 december 2020

6 december

Het is geen lachertje, de hoogpathogene H5N5 vogelgriep. Besmettelijk als de pest, wat hij ook is. Hoe gaan mijn drie kippen met hun lockdown om? De beesten mogen amper buiten. Elk contact met medevogels wordt ze ontzegd, zoals ook goed drie vierde van hun scharrelgebied. Terwijl kippen zeer actieve sociale wezens zijn, die aandacht en afwisseling nodig hebben. Zoniet gaan ze op elkaar pikken. Ze hebben daar een systeem voor. Goed, ze leggen nog, ze eten en drinken nog. Ze maken er het beste van. Toch merk ik een verhoogd stressniveau bij mijn bruine kip, terwijl de witte almaar lustelozer wordt en vaak uren achter elkaar ineengedoken op de grond zit. Je zou voor minder. Hoelang duurt dat hier nog? zie ik ze denken. Ik weet het niet. De mortaliteit is laag, tot nog toe nul. Er zijn geen besmettingen vastgesteld, laat staan verontrustende symptomen. De vogels buiten mogen zomaar vrijelijk rondvliegen. Ik weet het. Maar ik maan ze aan om geduldig te zijn. Als we te gauw loslaten, leg ik ze uit, komt er gegarandeerd een tweede golf van. Is dat wat jullie willen? Weer zoveel weken op hok? Ze zijn niet overtuigd, ik zie het. Maar veel keus hebben ze niet. Ik geef ze graan, maak hun hok schoon, ververs het water. Ik moet me de hele tijd bukken, het net hangt te laag. Ja de zorg heeft het ook niet gemakkelijk. Dat laatste argument vinden ze helemaal belachelijk. Ik hoor het aan hun geïrriteerd getok.

5 december

Dit jaar maar geen kerstboom. Waarom zou ik? Adeste fideles met één knuffelcontact. O Tannenbaum met afstand en handgel. Heilige nacht met mondmasker. Laat dan maar, is mijn idee. Er is niets te vieren. Mokkend het jaar uit. Mopperend en morrend, daarna zien we weer.

Dan rijdt een auto de oprit op. Ze stappen uit. Bezoek! Ze zijn een kerstboom gaan kopen, ze komen even langs. Nee, ze brengen een kerstboom mee. Cadeautje voor mij en mijn gade. We doen een goeie babbel (masker, afstand, etc. etc.) Ze rijden weer weg.

Nog niet helemaal zijn ze uit het gezicht verdwenen, of ik sta in de tuin met spade en kruiwagen. Boom in pot, fruitkist bij de voordeur, boom op kist, Jezus c.s. onder de boom (maagd en moeder, timmerman, herder, schaapjes, wijzen uit het oosten, os en ezel), ladder onder het zolderluik, lampjes, ballen. Geen uurtje later staat de boom als vanouds te glimmen. Te vroeg volgens de ware leer, Sinterklaas komt vanavond nog langs. Niet erg, hij bestaat ook niet.

Dit jaar dus toch een kerstboom. Daar heb je kinderen voor: om wijs te zijn als je het zelf niet goed meer bent.

(Met dank aan L. & A.)




dinsdag 1 december 2020

1 december

Ik heb wel eens gedacht dat het met een naam als Eddy Merckx of Bill Clinton niet zo moeilijk is om bekend te worden en het ver te brengen. Dat die mensen een voorsprong hebben. Maar vandaag las ik iets over SARS-CoV-2, dat het niet wijs is dit jaar Kerst te vieren met vrienden en familie. De vermaning kwam van Tedros Adhanom Ghebreyesus, opperhoofd van de Wereldgezondheidsorganisatie. Zo zag ik dat je het ook met een moeilijke naam ver kunt schoppen. Vraag maar aan Annegret Kramp-Karrenbauer, of Alexandria Ocasio-Cortez, inmiddels bekend als AKK en AOC. Slim, zo'n afkorting à la JFK. A la MBS, alias Mohammed bin Salman bin Abdulaziz Al Saud, eigenlijk omgekeerd. VDB bij ons. Is Vanden Boeynants zo'n moeilijke naam? Of Vandenbroucke? Tja, bij ons niet, maar in Etiopië? Zouden ze Frank daar kennen? En welke Frank?