donderdag 16 september 2010

16 september

'De invulling van monseigneur Harpigny toont misschien het onderscheid tussen de Latijnse en de Germaanse mentaliteit', heeft de bisschop van Antwerpen Bonny gezegd naar aanleiding van uitspraken van zijn collega uit Doornik (Deredactie.be, Pedofilie-affaires splijten de Belgische kerk). 'De Vlaamse houding is er niet een van grote woorden. We zijn daar zelfs allergisch voor.'

Waar heeft die bisschop het nu plots over? Hoe veel dommer, belachelijker en wereldvreemder kun je het maken? Wat zegt de Heilige Geest van dit soort cafépraat? Latijnse mentaliteit, in Doornik! En dat eeuwige hypocriete 'misschien'. Is het zo, Bonny, of is het niet zo? Sinds wanneer heb ik als inwoner van het Gewest Vlaanderen een 'Germaanse mentaliteit'? Houdt die dan op in Ronse? En sinds wanneer zit iedereen maar wat in te vullen in het Belgisch episcopaat?

Allergisch voor grote woorden, ik denk het niet. Voor stomme, dwaze, achterlijke woorden des te meer. Voor woorden van mannen met punthoeden helemaal.

woensdag 15 september 2010

14 september

'Je gebruikt momenteel 37 MB (0%) van je 7497 MB.' Dat lees ik onder mijn gmailaccount bij Google. Zo'n bericht is erg slecht voor mijn ego, en dan heb ik het niet eens over de 'je'. Ik ga ervan uit dat ze bij Google, waar de oudste werknemer waarschijnlijk net geen vijftien is, het voornaamwoord 'u' niet meer kennen. Dat weze dan zo, en 'weze' kennen ze a fortiori helemaal niet ('a fortiori' kennen zelfs hun ouders niet meer).

Ik heb het over die 0%. Nul! Dan denk ik dat ik toch af en toe een beetje met mijn computer in de weer ben, dat ik op mijn eigen bescheiden manier een heel klein beetje meedraai in het mondiale cybergebeuren. Dat het niet veel voorstelde, dat wist ik, en daar kan ik mee leven. 37 MB, vooruit, voor mij was dat genoeg. Maar nul procent! Weten ze wel hoe het woord 'nul' klinkt bij Google?

Ik kan net zo goed weer een blok gelijnd briefpapier aanschaffen en een velletje postzegels met smurfen erop. Heb ik iemand iets mee te delen, dan stuur ik wel een briefje. Dat is ook nog eens virusvrij, want postzegels en enveloppes plakken tegenwoordig zonder speeksel. Speeksel, zouden ze dat woord nog kennen bij Google?


zaterdag 11 september 2010

11 september


De slechtweerprofeten maken mijn leven moeilijk. Sta ik op, schijnt de zon. Kom ik iemand tegen, ik zeg: Da's nogal eens een weertje, hé? Zegt hij/zij: Ha ja, maar dat zal weer niet lang duren. Ze roepen voor morgen regen af.

Varianten overal. Lekker weertje, wat? Ja, nou, precies. Hoewel, ik hoor hier net op de Wereldomroep dat het morgen zwaar gaat gieten.

Of: Jongens, wat een zalige dag. Zeg dat wel. En geniet er maar van. Frank Deboosere zegt dat het morgen weer gedaan is.

Ja ja, 't is al goed. Nog iemand?

vrijdag 10 september 2010

10 september


Je kunt in gedachten naar Sète zwemmen. Zelfs ook in het echt, toch een eindje. De hele weg is te ver. Maar wat een genot, te zwemmen in l'étang de Thau terwijl je de bult van Sète voor je ziet, tegen die achtergrond van blauw die ze elders niet hebben. Met wat geluk kom je onderweg een tros oesters tegen, die mag je niet laten liggen. Even goed is niet zwemmen, maar drijvend op je rug naar de hemel kijken. Er komt wel water in je oren, maar dat gaat er straks weer uit, als je op je strandhanddoek ligt te drogen. Nog andere mensen liggen daar ook te drogen, je hoort ze bezig in het Duits, het Engels, het Nederlands, het Russisch, het Italiaans, een enkele keer zelfs in het Frans. Elle est bonne? Tais-toi, Mathieu!

dinsdag 7 september 2010

7 september

Over geluiden valt veel te zeggen. Daar luidt wat. Maar hoe luid? En hoe luidt het? Van klaterende beekjes wordt iedereen vredig. Kwetterende vogeltjes. Maar niet om zes uur 's ochtends na een nachtje stappen, graag. Een geluid dat mij deprimeert is dat van dobbelstenen op een houten bord. De nutteloosheid ervan, de moedeloosheid. Ik kan mij voorstellen dat ook het geschuif van de pionnetjes over het spelbord hoorbaar is, een gruwel. Toch zijn andere mensen dol op het gerol van dobbelstenen. Ze vinden het een vrolijk, onschuldig, opgewekt geluid. Zo is het altijd.

Nu, ik leef liever met een buurman die 's avonds in zijn tuin zit te ganzeborden dan een die zijn televisie aan heeft, of zijn radio, of een ander tuig waar geluiden uitkomen die op een heel andere plaats gemaakt zijn, en vaak een heel ander moment. Speel dan zelf theater, of trommel of zing een beetje. Het mag best vals zijn. Liever een vals zingende buurman dan een die uitpakt met Bach uit zijn Bang en Olufsen.

6 september


Ik denk dat ik niet populair ben. Dat leid ik af uit de e-mails die ik krijg. Niet dat het er weinig zijn, ik krijg hopen e-mails. Alleen komen ze, op een zeldzame uitzondering na, tegenwoordig allemaal van Aldi en Lidl. 'Uitzonderlijk nazomervoordeel op textiel', staat er dan, of: 'tuinschaar met rolsysteem'. Met sms'jes is het nog erger, maar daar heb ik toch minder last van. Anders dan mijn e-mailadres is mijn gsm-nummer een redelijk goed bewaard geheim. Enkel mijn nauwste bloedverwanten en een paar vrienden en intimi hebben er weet van. Zij sms'en mij zelden. Krijg ik toch een bericht, dan komt het vast weer van Scarlet, of van een andere provider die mij laat weten dat ik nu in Frankrijk ben. Alsof ik dat niet gezien zou hebben aan de staat van het wegennet. Laatst belandde ik met mijn gade per ongeluk op een heel slecht stukje weg in de buurt van Nîmes. 'Kijk', zeiden we samen op precies hetzelfde moment, zoals dat wel meer voorkomt bij mensen die al een kleine halve eeuw elke dag samen optrekken. 'Het lijkt België wel'.

zondag 5 september 2010

5 september

Zondag, marktdag. Die sla ik maar eens over. Ik heb pas op de markt van Villeneuve-lez-Avignon een groene hagedis gekocht, die ik thuis aan de voorgevel vast wil maken. Hagedissen brengen geluk, schijnt het, of zijn dat gekko's of salamanders. Het maakt niets uit.

Villeneuve was de stek van de kardinalen in de tijd dat de paus zelf over het water in Avignon zat. Volgens mij hadden de kardinalen dat best getroffen: het is goed toeven in Villeneuve, geen drukte om je oren, en de behuizing moet goed geweest zijn, als je ziet wat er nu nog van overblijft.

Zondag, wasdag dan maar. Voor mijn huis heb ik een lange waslijn gebouwd waar al het boven- en ondergoed nu in een licht briesje hangt te zwaaien. Een beetje ongeduldig wacht ik op etenstijd, als de oesters op tafel komen. Uit l'étang de Thau, recht van de producteur, die hier 's avonds als barman doubleert. Zo'n dubbel leven, dat lijkt me wel wat.

1 september

Ik zit ergens te velde in wat oude Knacks te lezen (met dank aan L & M). Een stuk gaat over 'De erfenis van de Volksunie' en is een gesprek met drie stilaan bejaarde oud-vendelzwaaiers: Nelly Maes, Johan Sauwens en Jaak Gabriëls. Ze hebben niet veel te vertellen, maar wat doet het ze deugd na al die tijd nog eens vijf volle pagina's te krijgen, met foto's in kleur. 'Toen ik begin jaren negentig samen met Guy Verhofstadt de VLD oprichtte', zo begint Gabriëls een uiteenzetting die ik van stomme verbazing niet verder lees. Dat Gabriëls Bree heeft opgericht, ja, dat wist ik wel.

31 augustus

Ik zit met mijn gade een slaatje te eten bij Ginette et Marcel. Mijn gade eet de tarte salée du jour, ik een salade Ginette (met ei en ham en vooral veel sla). De zon schijnt, een matig getalenteerde straatmuzikant speelt en zingt de blues. Na afloop laten wij ons door Marcel fotograferen aan tafeltje nummer 40. 'Mais comment vous avez fait?' vraagt hij. We weten het zelf ook niet.

woensdag 1 september 2010

28 augustus

Ik heb het mandje met de aardappelen en de sjalotjes in de boom gehangen. Dat moet u niet doen, zegt de man van l'Ile de la Réunion (ik dacht eerst dat hij Lille gezegd had). De eekhoorns zullen ze opvreten. Hij kan het weten, hij is hier al drie maanden. Het gesprek kabbelt wat voort, valt op de onvermijdelijke kwalen. Twaalf operaties op een jaar, zegt hij. Chemo, bestraling, de hele winkel. Een tumor op de nieren als een vuist. Hij toont zijn vuist. U bent wel prachtig hersteld, zeg ik hem. Touchons du bois, zegt hij.

26 augustus

Gelezen: Herinnering aan mijn droeve hoeren van Gabriel Garcia Marquez (Memoria de mis putas tristes). Over oud worden. 'Op een dag ontbeet ik tweemaal omdat ik de eerste keer was vergeten', dat was 'in de loop van mijn vijfde decennium'. Maar als het verhaal begint wordt de verteller net negentig. 'Ik word oud, weet je', zei ik. 'Dat zijn we al', fluisterde zij. 'Alleen, dat voel je zelf niet vanbinnen, maar iedereen ziet het aan de buitenkant'.


donderdag 19 augustus 2010

19 augustus

Gisteren per sms een bericht ontvangen van de telefoniste van Scarlet. Zij laat mij weten dat de installatie van mijn Scarlet-abonnement 'kan worden ingepland'. Dat is even schrikken. Ingepland? Is die d zo bedoeld of een tikfout? Ik krijg een nummer 'voor een afspraak te maken met onze technieker'. Toch een tikfout, waarschijnlijk.

Ik sluit nu niet helemaal meer uit dat er dan toch nog iemand anders bij Scarlet werkt, en dat deze technieker, mogelijk de man of de vader van de telefoniste, zelfs op de gestelde datum opdaagt voor mijn abonnement in te planten.

maandag 16 augustus 2010

16 augustus

België is best een aardig land om even uit weg te gaan. Kom je weer thuis, dan kun je zien wat er intussen veranderd is. Verbeterd, zou dat moeten zijn. Is het een regendag, zoals 15 augustus dit jaar, dan valt dat meteen al tegen.

Nee, de wegen zijn niet beter geworden. Nee, de campagnes voor veilig verkeer ook niet (Papa, je viel weg...) Dat nooit, nergens, onder geen enkele voorwaarde iets kan eindigen op drie puntjes, dat hebben ze ook nu weer tijdens je afwezigheid niet geleerd in België.

Nee, er zijn geen nieuwe wegrestaurants geopend en nee, de enkele bestaande zijn niet schoner en uitnodigender geworden. Het blijft zoeken naar de prijs op de koffieautomaten (1,20 €) en naar een lepeltje of desnoods een plastic stokje om mee in je soepje (enkel tomaat) te roeren (onvindbaar).

Nee, er is geen nieuwe regering (akkoord, in Holland ook niet) en nee, er zijn geen nieuwe ideeën, tenzij om eens een wereldbeker voetballen te organiseren (akkoord, samen met Holland), maar je bedoelde goeie ideeën, en nieuwe.

België is best een aardig land om even uit weg te gaan.



zondag 15 augustus 2010

15 augustus

Gelezen: Datumloze dagen, van Jeroen Brouwers. Vaders en zonen, alweer. Conceptie, leven, ziekte, dood, tijd. Gewild of ongewild, het gaat toch door. Praten helpt niet, goede bedoelingen lopen vast in onbeholpenheid. Dit boek is veertig jaar na Joris Ockeloen en het wachten geschreven: die Brouwers blijft zichzelf wel trouw.

Jeroen Brouwers, Datumloze dagen



donderdag 12 augustus 2010

9 augustus

Pas uitgelezen: Ik haal je op, ik neem je mee, van Niccolò Ammaniti (Ti prendo e ti porto via).

Wat mis ik ze nu al: kleine Pietro Moroni en zijn slome broer Mimmo, de grote Graziano Biglia, zijn gitaar en zijn driehonderd mokkels, van wie de laatste altijd de beste is (niet de dwaze stoot Erica Trettel, maar onfortuinlijke schooljuf Flora Palmieri). En natuurlijk Gloria Celani, die alle vrouwen in schoonheid overtreft (en in wijsheid), ook al is ze nu nog een tiener.

De hele stoet dwaze bewoners van het schiereiland, door drank en/of obsessies geplaagde mannen (tetters! ballen! auto's!) en vrouwen (eten! cinema! cellulitis!) Fascist-flic Bruno Miele, zijn groteske vader Italo, de met zelf opgelegde stomheid geslagen Gina Biglia ('Graziano, zeg eens eerlijk, hoe zijn die niertjes?') , Max (Massimiliano) Franzini en Martina Trevisan in een gesmaakte bijrol van niet erg gemotiveerde studenten.

Een onbeschaamd vrolijk doordenderend verhaal over domheid en zijn attributen (leugens, intimidatie, geweld.) Goede wil duikt op de raarste plekken op. Zelfs de kwaadaardige etter Federico Pierini heeft het in zich om 'Jij hebt gewonnen' te zeggen, en Graziano weet het altijd weer: 'Ik heb een fout gemaakt!'

Maar het helpt niet veel. Een vrouw gaat dood, waardoor ze de ene held in de ellende stort (toch voor even), de andere een onverhoopte kans geeft op ontsnapping.

Moraal: de braafste jongetjes krijgen het meest op hun kop, wie de grootste bek opzet komt het eerste weg, wie bang is krijgt ook slagen. 'Mijn schuld.' 'Zeg dat nog eens.' 'Mijn schuld.'

Niet vergeten: Mariuccia Gatta, onderdirectrice van de school, machtsgeil, geborneerd, vals - kortom geheel naar het leven getekend.


Niccolò Ammaniti, Ik haal je op, ik neem je mee (Ti prendo e ti porto via)