vrijdag 30 oktober 2020

30 oktober

Ik ben een kwetsbare kameleon. Een beetje geheimzinnig. Ik lijk soms onbereikbaar, maar ben wel erg intelligent. Ik ben ook een spar. Mijn gade, een wilg, is een kunstzinnige dromer, die houdt van reizen. Ze is ijverig en energiek.

Wie op onzekere momenten op de sofa zit en zich afvraagt: Wie ben ik eigenlijk?, kan tot vele antwoorden komen, of tot geen. Beter is het, de schoenen aan te trekken en het huis te verlaten. Voor een wandeling, bijvoorbeeld in 't Ster, voluit het provinciaal recreatiedomein De Ster in mijn stad S.

Je loopt er rond een ruime plas, er is een strand, een visvijver, een kinderboerderij, een speeltuin en nog wat voorzieningen van plezier, die na het zomerseizoen gelukkig stil liggen. Je kunt rustig genieten van de wind om je oren en de eendjes op het water.

Er is ook een Keltische Boomhoroscoop. De bomen staan netjes op afstand naast elkaar, voor ze ligt een platte zwarte steen waar de naam op staat van de boom, twee paar datums, en een typering van wie in een van de twee geboren is.

Wie ben ik? Ik zal niet verhelen dat ik liever een cipres was geweest, onafhankelijk en doelbewust, of een es, impulsief en ambitieus, of een dynamische optimist zoals de vijgenboom.

Een kameleon? Ik zal ermee moeten leven. Dat krijg je, als je per se achter je identiteit aan moet: wat je vindt is niet noodzakelijk wat je dacht te zoeken.

Maar ik ben weer eens buiten geweest, het heeft me goed gedaan. En ik mag dan een beetje geheimzinnig zijn en soms onbereikbaar, tenslotte ben ik toch erg intelligent. Dat flatteert me wel, ik steek dat niet weg. Ik ben geen olijfboom, een meester in het verbergen van zijn gevoelens.

 

Klik om te vergroten


donderdag 29 oktober 2020

29 oktober

Ik kwam in de krant het woord postintensievezorgsyndroom tegen. Fysieke, psychische en cognitieve problemen na een opname, las ik. Best een lang woord, en ik telde de letters: zesentwintig, tenzij ik me vergist heb. Nu las ik wat verder, en zie: daar ging het over de overheidsopdrachtenregelgeving. Dertig letters! Eigenlijk ging het over de VRT en voorzitter Van den Brande, maar daar gaat het hier gelukkig niet over. Natuurlijk zijn er nog veel meer lange woorden, en nog veel langere. Natuurlijk zijn er websites waar je die kunt vinden. Natuurlijk zit er in mijn OpenOffice Writer een tool waar ik de letters mee kan tellen. Maar dat is naast de kwestie. In het spelletje dat ik speel, moet je de woorden per ongeluk tegenkomen, en je moet zelf tellen hoe lang ze zijn. Woorden zelf maken, genre paternosterbolletjesfabrikantenvereniging, telt ook niet. Dat gaat allemaal veel te snel. Het moet net traag gaan, en lang duren, in de komende winteravonden die nog niet eens begonnen zijn.



woensdag 28 oktober 2020

28 oktober

Het zijn onvertoonde tijden, en zo kan het gebeuren dat ik, na weer een uur bloot te zijn gesteld aan de talking heads op mijn televisie, die nog maar eens uitleggen hoe vijf voor twaalf het is, hoe kwart over twaalf, en dat ons huis, dat gisteren nog niet in brand stond, dat wil zeggen ons Vlaamse huis, in tegenstelling tot de Waalse en Brusselse huizen, waar de vlammen al weken uit het dak slaan, vandaag toch best dringend geblust wordt, dat wil zeggen komende vrijdag, al is het maar een beetje, en ook dat het niet helpt kleine kraantjes toe te draaien als de grote kraan open blijft, zoals het vast ook niet helpt de brand met een pieterig waterstraaltje te lijf te gaan, zowaar een zucht van verlichting slaak en een slok van mijn koffie neem, eindelijk, nu er geheel onverwacht een foto op het scherm verschijnt van een interieur in het kasteel Belvédère, tonende, naast een niet te tellen massa potjes en pannetjes en aandoenlijke schemerlampjes, ook nog Hunne Koninklijke Hoogheden A. en P., de laatste een bovenmaatse handtas vastklemmend, in het gezelschap van hun kersverse verloren dochter, uitstralend een nieuw hoofdstuk, rijk aan emoties, gemoedsrust, begrip en hoop, en dat na het tumult, het lijden en de verwondingen, zodat het tijd is nu voor vergeving, genezing en verzoening, maar ook met verbazing vaststel dat zelfs in deze eerder plakkerige materie experts bestaan, zo blijkt, die komen duiden hoe diep gemeend de nieuwste démarche is van deze Saksen-Coburgs, dat het echt niet om een pr-stunt gaat, wat mij mateloos opbeurt, na al de -logen en -isten, nog meer als er een filmpje komt van Delphine ten tijde van haar fight met koning vader, waarin ze scherp en snedig zegt waar het op staat, uit de hoek komend met een aplomb ver buiten en boven het bereik van de verenigde royals, als verenigd het goede woord is. Vannacht worden enge dromen mij gespaard, ik slaap eindelijk nog eens vreedzaam in.


dinsdag 27 oktober 2020

27 oktober

Ze zeggen me dat ik veel buiten moet komen, waar het lichter is dan binnen. Ze zeggen zelfs hoeveel lux er meer is buiten dan binnen, zelfs op een bewolkte dag (tien keer). 

Een lux zijnde de verlichtingssterkte voortgebracht door een lichtbron met een lichtsterkte van 1 candela op een oppervlak loodrecht op de lichtstralen op een afstand van 1 meter van de bron. 

Een candela zijnde ongeveer de lichtsterkte van een gewone kaars. Met dank aan Wikipedia.

Van licht word je vrolijker, zeggen ze. Het zal dan wel helpen, denk ik, dat ik elke avond dineer in het licht niet enkel van twee led-spots hoog in de nok van ons huis, maar ook nog eens van een brandende candela op tafel. 

En ja, ik word er vrolijk van, al zal dat ten minste zoveel te maken hebben met de exquise kookkunst van mijn gade, de geraffineerde smaken van wat ze mij voorschotelt. Daar blijf ik altijd weer graag even voor binnen.

vrijdag 23 oktober 2020

23 oktober

Ze zitten naast elkaar op de achterbank, keurig gemaskerd. Ik zelf zit voorin, waar ook het stuur is, ook met een masker voor. Ik heb for good measure nog mijn zijraampje opengedraaid. Ik ben namelijk, maar dit is echt totaal naast de kwestie, eigenaar van een auto waarvan de zijraampjes nog met een zwengel worden bediend.

De stoel rechts van mij is leeg. Dat is goed. Iemand die er zat, neem nu minister Vandenbroucke van Volksgezondheid, zou mij mogelijk streng terechtwijzen wegens het mengen van generaties. Vermijd contacten, zou Frank mij onverbloemd laten weten, zoals hij dat zo goed kan. Wilt u dat ik u de waarheid vertel of praatjes? zegt hij dan bijvoorbeeld, of nog: In dit land is niemand de baas. Het zal van Jean-Luc Dehaene geleden zijn dat een politicus van enige betekenis nog eens zo klaar uit de hoek kwam.

Maar nu ben ik wel heel ver afgeweken van mijn ritje naar huis, waar we nog een flink eindje nagekeuveld hebben, mijn gade, de twee tieners en ik, bij een glaasje fris plat water, buiten, op het terras, in de zon, en ja, ja, Frank, 't is goed, ruim twee meter van elkaar. Ja Frank, met ons masker. 

Daarmee is dit stukje af, maar het nog eens nalezend, word ik als Saulus op zijn paard op weg naar Damascus getroffen door die inslaande zin: In dit land is niemand de baas. En ik denk: zo slecht is het hier ook weer niet. 

 


maandag 19 oktober 2020

19 oktober

Dus Herman Decroo staat naar de koers te kijken. Hij wordt door de voorbijrijdende VRT-camera in beeld gebracht, en verschijnt zo live op de televisie, onder meer bij zijn zoon Alexander. Die pakt zijn telefoon en belt zijn vader: Papa, waar is je masker? Papa was het in zijn haast en enthousiasme vergeten, hij zal zonder morren zijn boete betalen. Grappig akkefietje. Waarom is het eigenlijk grappig? Omdat vader Herman ex-minister is en ex-kamervoorzitter en ex-partijvoorzitter en minister van Staat, en zoon Alexander is ex-partijleider, ex-minister en ex-vice-premier, en op dit moment eerste minister. En dan naar de koers kijken en je vader live op de televisie zien, wat een toeval!

woensdag 14 oktober 2020

De taalhond kwispelt

Vandaag bijgeleerd: het woordje uitrijzuil. Dat was toen er plots een slagboom in de weg stond toen ik de parking van Aldi op wou rijden. Die ging wel braaf omhoog, maar middels een bordje werd ik toch aangemaand bij de kassa een ticket te vragen om weer buiten te kunnen. Scan Uw ticket aan de uitrijzuil bij het verlaten van de parking staat er op dat ticket. Dat heb ik dus gedaan. Ik was ingenomen met de hoofdletter in Uw, maar nog meer met uitrijzuil. Ik ken niet zoveel woorden met ui-ij-ui erin, zo keurig achter elkaar. En die ook nog mooi zeggen wat ze willen zeggen.

dinsdag 13 oktober 2020

12 oktober

'Kom, we gaan buiten zitten. De zon schijnt.' Ik haal de vouwstoelen uit de garage, we installeren ons op het terras. 'Kom, we gaan binnen zitten. Het regent.' Logisch, we zijn tenslotte oktober. Twintig twintig, om precies te zijn. Dus zetten we allemaal een masker op. Alle drie, om precies te zijn. Mijn gade en ik zitten naast elkaar op de lange sofa, in het verste hoekje. Onze gast zit in de tweezitter, aan de andere kant, in het andere verste hoekje. We keuvelen over koetjes en kalfjes. Kitesurfen. Airbnb. Het station Liège-Guillemins. Zonnepanelen. Hybride auto's. Studenten. Scholieren. Dan, als een zwart gat dat het ook is, zuigt het virus ons gesprek naar zich toe. Alles verdwijnt erin, weg. Hoe kom je daar weer uit? 'Ik stap maar eens op,' zegt onze gast. En dan loopt hij op weg naar buiten voorbij onze muziekinstallatie. Stereoketen, zegden we vroeger. Stereotoren, toe maar. 'De platendraaier draait,' zegt onze gast. Pick-up, zegden we vroeger. Dat hadden we niet gezien. Het valt niet uit te sluiten, dat onze platendraaier al weken, zo niet maanden staat te draaien. Onhoorbaar, onopvallend de soundtrack spelend bij dit onwerkelijke jaar - the sound of silence. Alleen onze gast heeft het gezien, met zijn meer dan geoefende oog. We lopen nog mee tot op straat, mijn gade en ik, we zwaaien hem uit. We missen hem al. Dan gaan we weer naar binnen, waar het veilig is, en stil.


woensdag 7 oktober 2020

6 oktober

Nee, die stapt net op z'n fiets. Net van 'r fiets af. Die is een ijsje aan 't likken. Neemt een slok van haar flesje. Die daar rookt een sigaret. Hier gaat er een net zitten aan een tafeltje. Die twee zijn vast nog geen twaalf.

Zo loop ik door de winkelstraat van mijn stad S, en monster uit mijn wantrouwige ooghoeken het maskergedrag van mijn medeburgers.

Ik zeg masker, niet mondkapje, omdat je geacht wordt niet alleen je mond, maar ook je neus te bedekken, wat menige medeburger per ongeluk, of omdat dat beter uitkomt, nalaat te doen.

Het is wachten tot ik weer eens gewoon op straat kan lopen, tussen allemaal ongemaskerde mensen, zelf gretig in- en uitademend, al eens ongeremd hoestend of niezend, zonder die ellendige jeuk aan m'n neus, en met een helder uitzicht, nu eindelijk mijn brillenglazen niet meer beslaan.


vrijdag 2 oktober 2020

2 oktober


Wat te denken van een land dat zijn president POTUS noemt? En zijn echtgenote FLOTUS? Hoe ernstig is dat? Is dat wel ernstig? Is het om te lachen, of om te huilen?

Ze hebben er ook een SCOTUS, met negen leden, van wie onlangs een overleden is en nu in zeven haasten vervangen wordt door de nog zittende POTUS.

POTUS gaat al mee van de jaren 1890, toen het woord door telegrafisten als code gebruikt werd. FLOTUS is veel jonger, en was in de jaren 1980 de secret service codenaam voor first lady Nancy Reagan.

Het is diep te betreuren dat Hillary Clinton niet verkozen is in 2016, al was het maar in het licht van de huidige POTUS, als licht het juiste woord is. Maar ook: zij zou de eerste vrouwelijke POTUS zijn geworden, en Bill Clinton de eerste FGOTUS.



maandag 28 september 2020

28 september

Zeventigduizend dollar brengt de president van de Verenigde Staten bij de belastingen in als onkosten om zijn presidentieel haar te laten fatsoeneren. Dat is veel geld, als je het resultaat bekijkt. 

In 2016 en 2017 betaalde hij telkens zevenhonderdvijftig dollar belastingen. Tien jaar lang betaalde hij helemaal niets. Dat is weinig, voor een man die zoveel golf speelt.

Naar eigen zeggen komt het, omdat zijn zaken zoveel verlies maken. Je hoort dat soort verhalen ook dichter bij huis. Wat meer in 't klein, ze halen de New York Times niet.

Het probleem met belastingen is, dat er geen draagvlak voor is. De mensen zijn er niet zo voor. Je moet maar eens een referendum opzetten: Moeten de belastingen worden afgeschaft? Antwoorden uitsluitend met JA of NEE. Dus niet: JA, maar niet voor de rijke stinkerds. Ook niet: NEE, alleen de mijne.

donderdag 24 september 2020

24 september

Sinds de invasie in hun hok van bloedluizen, die eigenlijk bloedmijten zijn, in het voorjaar, hebben mijn drie kippen besloten de nacht buiten door te brengen. Inmiddels heb ik de mijten met succes bestreden, onder meer door de inzet van roofmijten, die de bloedmijten opeten. Ja mooi is anders, maar rattenvergif of vliegenplakkers zijn dat ook. Ik bedoel niet mooi.

Nu het kippenhok weer mijtenvrij is, zou je verwachten dat de hoenders, zeker nu de nachten kouder worden, het gerief van hun overdekte stok weer gaan opzoeken. Droog bij regen, uit de wind, min of meer buiten bereik van loslopend ongedierte.

Vergeet het. Dus moet ik wachten tot ze zowat in slaap zijn, dan is het ook bijna donker, en ze behoedzaam naderen zodat ze niet te wakker worden - de grens tussen slapen en waken is bij kippen niet zo scherp - en dan moet ik een kip beetgrijpen, meestal de bruine, en in het hok zetten. Tegen die tijd zijn de andere twee, de zwarte en de witte, min of meer wakker en stuntelen wat verdwaasd rond.

(Sommige mensen geven hun kippen namen. Ik vind dat geen goed idee. Zeker als er geslacht moet worden, brengt het alleen maar onnodige kommer. Onze kippen heten, in de huidige constellatie, de witte, de bruine en de zwarte. Overigens was de zwarte in de zomer niet meer zwart, omdat ze zowat al haar pluimen was kwijt geraakt. Dat is nu gelukkig weer veel beter.)

Je zou zeggen: zo'n verdwaasde kip heb ik meteen bij de lurven, maar dat valt tegen. Het duurt allemaal wat, en in die tijd probeert de bruine kip, inmiddels klaar wakker, weer naar buiten te komen. Ik moet het plankje voor de deuropening zetten, maar dan kunnen de andere twee niet meer naar binnen. Het lukt me op den duur wel allemaal, ik mag alleen niet vergeten voor het slapen gaan het deurtje weer open te zetten, anders heeft mijn pluimvee morgenochtend niets te eten terwijl ik zelf nog in bed lig. Mensen slapen langer dan kippen, dat is bekend.

Waarom doé ik het allemaal? Voor de eitjes, tiens. Gisteren: drie eitjes. Vanochtend: weer drie eitjes. Dat is een doosje vol in twee dagen, zoveel eieren krijgen mijn gade en ik niet opgegeten. Kippen zijn nuttige dieren, dat wil ik zeggen. Tegendraads, klunzig, eigenzinnig, balorig, maar: nuttig. Dat laatste kan niet van alle dieren worden gezegd.


donderdag 17 september 2020

17 september

Waar is de tijd dat je eens een paar weken of maanden op vakantie trok naar pakweg Frankrijk (ik zeg pakweg maar het is altijd Frankrijk, of het zou Italië moeten zijn, waar je dan toch via Frankrijk naar toe trekt), zonder dat je, op de terugreis, een formulier moest invullen waarmee je aangaf waar je precies was geweest.

Dat is een online formulier, terwijl ik hier praat over de tijd dat er nog geen online formulieren waren. Geen wifi. Als je het thuisfront wou spreken, zocht je een telefooncel. Een hokje waar een telefoon in stond, die je met een muntstuk kon bedienen, als hij niet gevandaliseerd was.

Frankrijk was toen ook al ingedeeld in departementen, en verder in regio's, waar er meer van waren dan nu het geval is. Zo ging ik graag eens naar Languedoc-Roussillon, maar die regio zit nu verborgen in Occitanie. De departementen zijn gebleven, alleen hadden ze vroeger geen kleur. Misschien kon je wel zeggen dat Lozère een rood departement was, maar dat ging dan over zijn politieke voorkeur.

Zo kon het gebeuren dat de Franse president de hoofdstad Mende van Lozère met zijn bezoek vereerde, naar aanleiding van een etappeaankomst van de tour bovenop de Montée Jalabert. Die president heette François Hollande en was een socialist. Wie zijn vakantie in zo'n rood departement had doorgebracht, al dan niet uit sympathie, kon vrijelijk op ieder moment naar huis terug reizen, en moest vervolgens niet verplicht twee weken binnen blijven.

Als al het voorgaande wat sjagerijnig klinkt, dan komt dat omdat ik morgen Frankrijk weer moet verlaten, terwijl ik er vandaag nog een onvergetelijke dag heb doorgebracht. Wat een land toch. En laat ze maar wat chauvin zijn, de Fransen, wie zou het niét zijn die in zo'n land mocht leven? Er zijn er die smalletjes doen over de manier waarop een en ander hier met de Franse slag gebeurt, efficiënte noorderlingen bij wie alles veel beter geregeld is, waarom komen ze dan toch altijd weer massaal hier naar toe?

Soit. Morgen rijd ik huiswaarts, als alles goed gaat steek ik overmorgen de grens met het thuisland over. Als ze mij daar doen stoppen, laat ik mijn QR-code zien, en een samenvatting van mijn elektronisch formulier, met mijn naam, mijn adres, mijn vaste en mobiele telefoonnummers, mijn rijksregisternummer en identiteitskaartnummer, mijn e-mailadres, het kenteken van mijn auto, en waar ik de voorbije veertien dagen geweest ben: jawel, in Lozère, en ook in Ardèche, tegenwoordig oranje departementen, zoals bijna alle andere, met uitzondering van een handvol rode en het departement Creuse, dat helemaal alleen nog groen is.

Thuis hou ik een paar weken een low profile aan, dat doe ik anders overigens ook. Het is de tijd die ik nodig heb om mijn abrupte dépaysage te boven te komen.

zaterdag 12 september 2020

12 september

Mocht ik in de komende weken onbereikbaar zijn, het komt wel weer goed. Ik ben ei zo na klaar met het graven van de diepe kuil, waarin ik van plan ben te verdwijnen tot ten vroegste woensdag vier november, maar mogelijk nog een eind later. Mijn opzet is pas weer boven te komen, als de Amerikanen een nieuwe president hebben. Waarmee ik bedoel: een nieuwe. Hoe ze eraan zullen komen, wil ik liever niet zien. Het is mooi meegenomen, dat nog andere treurige spektakels mij ook bespaard blijven. Mochten ze, de hemel behoede ons, de oude president herverkiezen, dan blijf ik in mijn kuil tot die eindelijk weg is. Als dat vier jaar moet duren, tant pis. Maar daar gaan we toch niet van uit.


maandag 7 september 2020

7 september

Je suis prête. Je t'attends! Een uitspraak die met weinig verbeelding voor meer dan een uitleg vatbaar is. Ik lees ze in het gastenboek voorin de kerk van Nasbinals, een populaire etappe op de lange weg naar Compostella. De datum staat eronder, vandaag 7 september. Vorige aantekeningen bevestigen wat ik vermoed: de kreet is mogelijk gericht tot de Goddelijke Bruidegom. Van dit soort discours word ik altijd balorig. Een sterke drang bevliegt me om de pen op te nemen die bij het boek ligt, en er in grote letters Dio non c'è in te schrijven. Ik laat het toch maar, terwijl ik plots moet denken aan een sterk gelijkaardige boodschap. Ne te lave pas, j'arrive! Napoleon laat zijn echtgenote Joséphine weten dat hij na de veldslag naar huis komt. Eigenlijk schreef hij Ne te lave pas, j'accours et dans huit jours je suis là. Ik stel met plezier vast dat de aantekening in Nasbinals net zo goed Joséphines antwoord zou kunnen zijn.