donderdag 30 juni 2016

30 juni


Soms denk ik wel: moet ik mijn vakanties niet eens helemaal anders aanpakken? Hoe dan? Mijn nieuwe buur weet hoe. Hij is een dag of drie geleden naast me neergestreken met een piepklein tentje en een zwarte kajak waar de Zweedse vlag op prijkt. Ik zie hem uren lang met kwast en polyester in de weer. Het blijkt dat hij op een steen gelopen is, er zit een lek in zijn boot. Hij laat me zijn kaart zien: vertrokken in Venetië, helemaal om Italië, tot hier al in Lazio. Nog te gaan: de rest van Italië, de Franse Middellandse Zeekust, Spanje, Gibraltar, Portugal, de Atlantische kust, België, Nederland, Duitsland, Denemarken. Hoever vaart hij uit de kust? Five hundred, thousand, zegt hij. Hij maakt een gebaar dat de branding moet voorstellen. I am late, zegt de Zweedse buur nog. Wanneer is hij weer thuis? Before the ice, I hope

Klik om te vergroten
 

zondag 26 juni 2016

25 juni


Gisteren kocht ik een gelato medio met twee bollen limone bij Gatta op de Corso Manfredi, dat kostte me 1,50 € en was mogelijk het beste ijsje dat ik in mijn leven gelikt heb, of het zou die keer in Pizzo Calabro geweest moeten zijn, maar dat is te veel jaren geleden, ik kan niet meer vergelijken. Wel weet ik nog dat het ijsje in Pizzo een melone e limone was, mijn favoriete combinatie, tot gisteren.

Bij Gatta hadden ze geen melone, dus koos ik maar twee keer limone, en omdat ik limone net nog lekkerder vind dan melone, was dat een verbluffend lekker ijsje. Overigens doen ze hier hun ijs niet in bollen, ze scheppen het met een soort plankje en boetseren het vakkundig bovenop de cono. Het duurt allemaal wat langer, dat maakt het natuurlijk nog lekkerder.

De mensen beheersen ook de kunst om ijsjes te likken en tegelijk te praten, wat niet zo vanzelfsprekend is als het klinkt, als je weet dat ze om te praten hun handen nog meer gebruiken dan hun mond. Je moet het maar eens proberen.

vrijdag 24 juni 2016

24 juni


è il vostro turno: is dat niet de boodschap die elke in een rij aanschuivende mens wil zien?
Wat een prachtig idee van deze supermarkt om dat op de latjes te schrijven die je bij de kassa op de band zet, ter afbakening van je eigen aankopen. Geen melig geslijm à la wij bedienen graag de volgende klant, laat staan reclamekul waar het koopvee ook na de daad nog mee bestookt moet worden. En: vostro. Niet jijen en jouwen tegen de klant hier. Wel bij Lidl, heb ik gezien. Lidl è per te, maar die zijn voetbalsponsor natuurlijk.

dinsdag 14 juni 2016

donderdag 9 juni 2016

9 juni


De laatste keer dat ik dicht bij Griekenland was, was in 1968. Ik reisde met mijn broer en een paar vrienden door Joegoslavië, met ons vijven in een Chevrolet Bel Air van 1956. Geen wonder dat men ons voor Amerikanen nam, ergens in het binnenland trachtte een vader ons zijn dochter mee te geven. We waren tot Skopje afgezakt, Thessaloniki was niet ver meer. Ik wilde er dolgraag heen, maar enkele van mijn meer verstandige reisgezellen merkten op, dat we ook nog terug naar huis moesten.

En nu dus weer, gisteren. We maken een uitstap naar Ancona, mijn gade en ik, en laten er de auto achter in een parkeergarage nabij de Piazza Kennedy. Je bent er op een steenworp van de haven. We lopen naar het water, botsen op een stel reusachtige ferryboten. MINOAN LINES staat erop, ANEK en ΕΛΛENIK ΣΠIΡIT. Griekse vrachtwagens rijden af en aan, auto's met en zonder caravans, kampeerauto's. En ik heb het weer. Ik heb het nog altijd. Als Griekenland zo dichtbij komt, dan wil ik daar meteen naar toe.


9 juni


Mijne mond valt eigenlijk open, hoor ik de Vlaamse Minister van Onderwijs zeggen in het parlement. Ze heeft het tegen Caroline Gennez, en ze zegt: ge zijt ne flipflop, u en uw partij.
Tja. We moeten blij zijn dat de minister het onderwijs in het parlement beoefent, en niet voor de klas. Zelf zou ik als leerling niet verstaan wat ne flipflop is, ook niet nadat ik het lidwoord weer had omgedraaid. Verder zou ik het raar vinden, dat de minister iemand met ge aanspreekt, en in een adem ook met u. Ik denk, als ik in die klas zat, dat mijne mond ook open viel.

dinsdag 7 juni 2016

6 juni


Als ze je niet bedrogen hebben, zei mijn vader, dan zijn ze het vergeten. Het was een meer dan onvriendelijke uitspraak, zo onvriendelijk, dat ik liever in het midden laat over wie hij het had. Ik sta nu eenmaal de ever closer union van Europa voor, dan moet je je buren niet al te zeer schofferen.

Ik moest aan zijn uitspraak denken op het terrasje van Riva Bella, waar ik met mijn gade na het strand graag een aperitief gebruik. La stessa cosa heet die ondertussen, dat bestelt makkelijk. Die keer was de jonge baas buiten met zijn ombrellini in de weer, zijn moeder of zijn schoonmoeder sprong in aan de bar, waar ze een Britse toerist te woord stond.

Het was 2 juni, de nationale feestdag, op de televisie was iemand belangrijks te zien, misschien wel de president van de republiek. Het woord politica viel, en ook problemi. Dat verstond de Brit wel. Wij hebben ook onze problems, zei hij in het Engels. Brexit, in or out. En over the EU, dat het daar allemaal bandits zijn.

De vrouw knikte en lachte maar wat, de toerist ging aan zijn tafeltje zitten. En dan moest ik denken aan een Portugees grapje dat ik laatst las in The Guardian: 'Uit een recente enquête blijkt, dat elf van de tien Spanjaarden zich superieur voelen.'

Een beetje schofferen kan wel, in onze ever closer union of bandits.

zaterdag 28 mei 2016

28 mei


Vandaag weer de Palio dei bambini. De arend, de uil, de specht en de valk moeten zakkenlopend, manden met graan vullend en touwtrekkend uitmaken wie dit jaar de palio wint. De jongens uitgedost in de kleuren van hun wijk, de meisjes in feestelijke gewaden, overal daaromheen fotograferende papa's en mama's, nonni e nonne, en een verdwaalde toerist. De teams van touwtrekkers, legt de scheidsrechter uit, zijn niet per aantal deelnemers, maar per totaal gewicht samengesteld. Hij roept precies om hoeveel ze
wegen, een stuk boven de vierhonderd kilo. De verdwaalde toerist loopt maar rond, iedereen voor de voeten, zich onvermoeibaar excuserend als hij weer eens in de weg staat, en wenst dat hij een sterkere telelens had. L'aquila wint. 


donderdag 26 mei 2016

26 mei


Italiaanse marine redt 550 vluchtelingen van gekapseisde vissersboot in de Middellandse Zee

Meer dan 500 mensen zijn woensdag nipt aan de verdrinkingsdood ontsnapt nadat hun smokkelboot gekapseisd was in de zuidelijke Middellandse Zee, zoals te zien is in een reeks spectaculaire foto's.
Ten minste vijf mensen zijn verdronken toen de boot omsloeg 'door overbezetting en instabiliteit veroorzaakt door het grote aantal opvarenden', zei de Italiaanse marine in een verklaring.
Maar de zeelieden zijn erin geslaagd zowat 550 levens te redden, een missie die migratiedeskundigen omschreven als miraculeus. (The Guardian)


Boot kapseist, zeker vijf doden

Minstens vijf vluchtelingen zijn verdronken toen een grote houten vissersboot vol met vluchtelingen voor de Libische kust is gekapseisd. Dat meldt de Italiaanse marine. 562 mensen werden gered.
Ook duikers van de marine probeerden de drenkelingen te helpen. (De Standaard)

donderdag 19 mei 2016

19 mei (bis)


We overleggen wat we gaan eten. De antipasto misto van het huis is een must. En daarna? Daarna niets meer, zegt mijn gade, die een ijzersterk geheugen heeft voor antipasti, onder meer. Ikzelf voel ook wel iets voor de primo met pasta en coniglio. Stefano vraagt of we grote honger hebben. Nee, kleine honger. Bene, zegt Stefano, ik breng de antipasto, e vediamo doppo. Hij zet een liter wijn neer en een grote fles aqua gazzata. Hij brengt een schotel met ham en salami en nog meer vlees, een schaaltje met parmeggiano en olijven. Hij brengt schaaltjes met tomaat en peperoni en aubergines en ander lekkers, een schaaltje met iets dat op een soort quiche lijkt, een schaaltje met witte graantjes en bonen, een schaaltje met aardappeltjes in olie, een schaaltje met tripe. Een schaaltje brood, een mandje met nog meer ander brood. We krijgen het allemaal op. Stefano komt eens kijken, en ziet dat het goed was. Of ik de coniglio nog wil? Liever niet. Goed, zegt Stefano, ik was er ook nog niet aan begonnen. Nog een koffie en il conto: venti euro. Het is weer gaan regenen. Who cares?

19 mei


Herinneringen zijn als stenen in het duister. Je ziet ze pas als je erover struikelt. Zoals vandaag, zes uur en de regenbui is over. Ik zit wat buiten aan mijn tafeltje over de heuvels te turen, het is best fris, en dan gaat het klokkenspel beieren uit het kerkje vlakbij. Ja. Zo was het precies drie jaar geleden. En vijftien jaar geleden, en twee jaar daarvoor. Te Lourdes op de bergen, vast een van de allereerste melodieën die ik als kind heb opgeraapt. Vol glans en vol luister. De tekst zal wel anders zijn hier, dat moet ik dan maar eens vragen. Of ook weer niet. Nogal wat deuntjes zijn vrolijker zonder de woorden die men erop heeft geplakt.

maandag 16 mei 2016

15 mei


Of de winkels morgen toe zijn?
Morgen? Nee. Dinsdag wel, na de middag.
Is morgen dan geen feestdag?
Feestdag?
Bij ons wel. Pentecoste, weet uw wel?
Ze lacht even schamper. Pentecoste, daar doen we hier niet aan.
Ik betaal de wijn en de koffie, mijn beeld bijstellend over de devotie in dit land. Het valt wel mee. Fausto vindt van niet: hij moet morgen voor dag en dauw zij bed weer uit, postino zijnde, naast ook nog campingexploitant. Maar dat laatste, zegt Fausto, is geen werk. It is my hobby.

zaterdag 14 mei 2016

13 mei


We zitten op het terrasje, mijn gade en ik, doen ons te goed aan een glas wijn en een caffè lungo. Naar goede gewoonte zijn er hapjes bij van het huis. Franco komt aan ons tafeltje zitten. We bestellen nog een rondje, na enig aandringen wil Franco een glas water voor ons drinken. Ik wil niet van u profiteren, zegt Franco zedig, die zijn zomers hier en zijn winters in Cuba doorbrengt.
Hoe is het in Cuba? Rum en muziek, en verder: communismo en maffia. Heel de wereld is corrupt, zegt Franco, alleen wij drieën niet. Hij praat honderd uit, wijst zijn Fiat aan op het pleintje, 25 jaar oud, op lpg. It's cheap, zegt Franco. En dat hij pas zeventig geworden is. Hij spreekt zelfs een mondje Nederlands. Mooie meisjes, zegt hij ten bewijze. Paola di Liegi kent hij ook.
Hij neemt afscheid. Ik ga betalen aan de bar. Sei venti, Franco's water telt niet mee.

zaterdag 23 april 2016

23 april


Mijn gazon maaien is niet per se een aangename klus. Er moet geduwd worden aan de maaier, die niet van het zelfduwende, nog minder van het rijdende type is. Ook moet goed worden uitgekeken waar het snoer ligt, de maaier wordt elektrisch aangedreven. Pas ik even niet op, zoals gisteren, dan maai ik rats mijn eigen snoer door, pats, weg stroom, extra knutselwerk om van de twee halve snoeren weer een lang te maken, middels een aan het uiteinde gemonteerd mannetje en vrouwtje. Daar komen schroevendraaiers bij te pas, een tang en een aardappelmesje. Telkens als de bak vol is, moet die worden losgemaakt, over de omheining van de kippenren getild en daar leeggeschud. Onder het appelboompje moet bukkend gemaaid worden, op straf van verwonding door een laag hangende tak. Na afloop moet de grasmaaier schoongemaakt worden, de rond het blad aangekoekte aarde moeizaam weggeschraapt. De aangenaamheid komt pas later, zoals wel meer het geval is. Als ik lui in de strandstoel de krant lig te lezen, een vadsig eilandje in een zee van fris geurend groen, de merels en de eksters trippen vrolijk in het rond, zichtbaar blij met het vers getrimde grasveld waar ze de pieren nu zo maar van op kunnen rapen. Ik weet het, het is Wimbledon niet. Mijn gazon wordt ook niet door amechtig kreunende tennissers platgetreden.

woensdag 20 april 2016

19 april


Volgens Eva Berghmans in De Standaard van 16 april heeft Whatsapp één miljard gebruikers, die elkaar per dag 45 miljard berichten sturen. Ik denk altijd: wie telt dat allemaal? En hoe komt het dat de cijfers altijd zo mooi rond zijn?

In dit geval geloof ik er eerlijk gezegd ook geen bal van. Vijfenveertig berichtjes per dag? Op zestien niet-slapende uren is dat bijna een om de twintig minuten, dag in dag uit. 

En één miljard gebruikers, terwijl er toch maar zo'n zeven miljard mensen zijn, boorlingen en baby's en kleuters en demente bejaarden inbegrepen? Als je ervan uit zou gaan, dat toch een deel van die één miljard zijn Whatsapp wel onder controle heeft, hoeveel berichtjes per dag stuurt dan de rest?

Overigens was Berghmans' stuk Zet een stoel bij voor de smartphone, over hoe vrienden dezer dagen met elkaar omgaan, best het lezen waard. Zo verneem je dat 'voor tachtig procent van de jongeren offline vriendschappen belangrijker zijn dan online'. Mogelijk vinden evenveel jongeren ook offline slapen belangrijker dan online, en naar de kapper gaan. Tachtig procent, geen negenenzeventig.

En ook: 'Als je je telefoon checkt terwijl je zelf aan het woord bent, is het minder erg dan wanneer de andere aan het woord is'. Dat geldt ook voor geeuwen of op je horloge kijken. Volgens mij kijken vijf miljard mensen elke dag honderd keer op hun horloge. Ik bedoel offline. Of online.